Terug
25-07-22

Nederland – België Desk: Nieuwsbrief 20-07-2022

Geen verlenging regeling inzake thuiswerkdagen van grensarbeiders

Inmiddels is bekend geworden dat de gemaakte afspraken met België inzake de thuiswerkdagen van grensarbeiders vanaf 1 juli niet meer gelden. Volgens deze afspraken mochten de thuiswerkdagen voor de loonheffing behandeld worden als dagen gewerkt in het land waar deze onder “normale omstandigheden” zouden hebben gewerkt. Vanaf 1 juli 2022 zullen de thuiswerkdagen voor de loonheffing weer altijd toegerekend worden aan het land waar daadwerkelijk fysiek wordt gewerkt (het woonland). Nederland is echter met België in gesprek over een mogelijke permanente thuiswerkregeling in het belastingverdrag, maar dit is volgens de Staatssecretaris niet eenvoudig te bewerkstelligen. De afspraken over de sociale zekerheid inzake de thuiswerkdagen van werknemers werkzaam binnen de EU (inclusief grensarbeiders) zijn door de Europese Commissie wel verlengd tot en met 31 december 2022.

Over het verdrag Nederland-België wordt al enkele jaren onderhandeld door het Nederlandse en Belgische ministerie van Financiën. Vooralsnog is er nog geen duidelijkheid over de exacte inhoud van de wijzigingen, wel dat naar waarschijnlijkheid het pensioenartikel zal worden aangepast. Ook het verdragsartikel dat handelt over het aanmerkelijk belang zal vermoedelijk worden aangepast, nu de conserverende aanslag naar Nederlands recht niet meer voor een periode van 10 jaren, maar levenslang wordt opgelegd. Ook de bovengenoemde thuiswerkregeling zal naar alle waarschijnlijk aan bod komen in de onderhandelingen.

In beginsel is de winst die wordt gerealiseerd ten aanzien van de verkoop van een vennootschap door een in België woonachtige natuurlijke persoon niet belast. Deze winst, ook wel meerwaarde genoemd, is enkel belastingvrij indien de meerwaarde kadert binnen het “normaal beheer van het privévermogen”. Wanneer dit niet het geval is, is de meerwaarde minimaal belast in de personenbelasting tegen een tarief van 33%. De rechter toetst voor het bepalen van het begrip “normaal beheer van privévermogen” een aantal voorwaarden. De interne verkoop van een vennootschap aan een houdstervennootschap waar de natuurlijke persoon controle over uitoefent, kwalificeert niet als ‘normaal beheer van privévermogen’, waardoor belasting is verschuldigd over de meerwaarde. Een recente ruling laat zien dat een dergelijke interne verkoop, onder strikte voorwaarden, belastingvrij kan plaatsvinden.

Volgens de Dienst Voorafgaande Beslissingen in Fiscale Zaken in België kwalificeert de verkoop van een werkmaatschappij van een echtpaar aan een eigen houdstervennootschap onder het ‘normaal beheer van het privévermogen’, waardoor belastingheffing achterwege blijft. Een aantal criteria die de Dienst Voorafgaande Beslissingen in Fiscale Zaken van belang acht:

Het aanvragen van een ruling in een dergelijke situatie kan dus, onder strikte voorwaarden, zeker de moeite waard zijn om vooraf zekerheid te bewerkstelligen.

Ter beschikking stellen woning aan bedrijfsleider

In België is het toegestaan om alle kosten inzake het ter beschikking stellen van een woning aan een bedrijfsleider in aftrek te brengen. Het ter beschikking stellen van de woning wordt aangemerkt als een onderdeel van de verloning van een bedrijfsleider, via de zogenoemde bezoldigingstheorie. De kosten van de bezoldiging van de bedrijfsleider zijn niet automatisch aftrekbaar. Hiervoor dient de vennootschap bewijs aan te leveren dat de bezoldiging een vergoeding is voor de verrichte prestaties van de bedrijfsleider. In eerdere rechtspraak is naar voren gekomen dat de kosten van de ter beschikking gestelde woning aftrekbaar zijn indien de AVA schriftelijke goedkeuring verleent dat het terbeschikkingstellen van de woning onderdeel is van de bezoldigingstheorie. Het Hof van Beroep heeft nu ook geoordeeld dat een stijgende omzet voort kan vloeien uit verrichte prestaties van de bedrijfsleider en een reden kan zijn om de bedrijfsleider te bezoldigen.

Kwalificerende buitenlandse belastingplicht en het kerstarrest

Een in het buitenland wonende belastingplichtige die inkomen verkrijgt uit Nederland kan, onder voorwaarden, gebruik maken van de kwalificerend buitenlandse belastingplicht regeling in Nederland. Er kan in ieder geval met succes een beroep worden gedaan op de kwalificerend buitenlandse belastingplicht regeling indien meer dan 90% van het totale inkomen in Nederland wordt belast. Een kwalificerend buitenlands belastingplichtige heeft recht op bepaalde aftrekposten, zoals hypotheekrenteaftrek, en heffingskortingen in Nederland.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 4 mei 2022 geoordeeld dat de 90%-eis berekend dient te worden aan de hand van het zogenoemde Kerst-arrest. In het Kerst-arrest is geoordeeld dat de wettelijke methode voor de berekening van het box 3 inkomen niet houdbaar is. Dat inkomen dient berekend te worden aan de hand van het werkelijk rendement in plaats van het fictief rendement.

Dit is goed nieuws voor de buitenlands belastingplichtige met box 3 vermogen, waarbij het werkelijke rendement lager is dan het fictieve rendement (voornamelijk van toepassing bij banksaldo’s). Het box 3 inkomen dat in België wordt belast, wordt door het meenemen van het werkelijk rendement lager. Dit heeft tot gevolg dat sneller wordt voldaan aan de 90%-eis in Nederland. Daarmee kan gebruik gemaakt worden van aftrekposten en heffingskortingen.

Zijn er vragen, laat dit dan weten bij de België Desk:

  • Wim Smeets                 [email protected]     06 232 419 44 of 2330
  • Marc Ubaghs                [email protected]    06 193 132 26 of 2343             
  • Anke Beunen                [email protected]     06 202 292 45 of 2323
040 264 96 10 Vestigingen