‘Wat je erin stopt,
krijg je eruit’

Schiedam heeft wereldfaam opgebouwd met de productie van jenever. In deze prachtige Zuid-Hollandse stad aan de monding van de Nieuwe Maas groeit Dennis Gouka op in een gelukkig en stabiel gezin. Aan de hand van zijn vader bezoekt hij samen met zijn oudere broer de thuiswedstrijden van Excelsior 20, een omniclub die in de winter voetbalt en in de zomermaanden cricket speelt. Zijn kennismaking met de king of sports is liefde op het eerste gezicht en heeft een grote invloed op zijn verdere leven. ‘Ik ken geen enkele andere sport waarbij de teamprestatie zo groot is.’

Sportfanaat

De vader van Dennis is een echte sportfanaat en een verdienstelijk cricketspeler. De liefde voor voetbal en cricket brengt hij over op zijn 2 zoons. Met z’n drieën juichen ze Excelsior ‘20 toe als de wedstrijd tegen Hermes DVS – eveneens afkomstig uit Schiedam – op het programma staat. ‘Cricket is maar een kleine sport in Nederland’, legt Dennis uit. ‘Daarom was het bijzonder dat er bij deze derby’s bijna tweeduizend toeschouwers op de tribune zaten. Prachtig om mee te maken.’

 

Anders zijn

Ook voetbal speelt een belangrijke rol in het leven van Dennis. Zijn favoriete voetbalclub luistert echter niet naar de naam SVV, FC Dordrecht, Sparta of Feyenoord. Net als zijn opa is Dennis voor de voetbalclub uit de hoofdstad: Ajax. Het is een les die Dennis tot op de dag van vandaag in de praktijk brengt: je mag anders zijn en daar ook voor uitkomen. ‘Mijn opa was scheepstimmerman bij Wilton Feyenoord in Schiedam’, legt Dennis lachend uit. ‘Hij was een echte Ajacied. Op zondag luisterden we samen op de radio naar de wedstrijdverslagen. Soms mocht ik ook mee naar de Kuip als Feyenoord tegen Ajax speelde. Dat was een prachtige ervaring, maar ik moest wel mijn mond houden op de tribune. Toen ik 40 werd, heb ik een Ajax-shirt gekregen met 40 als rugnummer.’

Gek van het spelletje

Als sponsor haalt de vader van Dennis Australische spelers naar Nederland om hier het niveau omhoog te stuwen. ‘Waarschijnlijk heb ik zijn talent en gedrevenheid met de paplepel ingegeven gekregen’, haalt Dennis herinneringen op aan zijn jeugdjaren. ‘Ik heb altijd in de hoogste jeugdteams van Excelsior ‘20 gespeeld. Als jongen van 18 jaar ben ik geselecteerd voor de WK onder 19 jaar. Dit toernooi in Bermuda heeft een onvergetelijke indruk op me gemaakt. Ik was zo gek van het spelletje dat ik samen met mijn broer een half jaar naar Australië ben gegaan om cricket te spelen in Perth.

Vaardigheden trainen

In Perth trokken Dennis en zijn broer ook op met Tim Zoeher, een bekende Australische wicket keeper. Een van zijn levenslessen past hij nog steeds toe: what you put in, you get out. ‘Het was ongelofelijk om te zien hoeveel arbeid Tim elke dag opnieuw verrichte in de kooi. Urenlang sloeg hij ballen die met een snelheid van 90 kilometer per uur op hem afkwamen terug. Mark Lammers – de bekende hockeycoach van het gouden damesteam (2008) – stelt ook dat je 1.000 uur moet trainen, voordat je iets onder de knie hebt. In het bedrijfsleven trainen we veel te weinig op specifieke vaardigheden, dat is een gemiste kans.’

Teamgeest kweken

Ook de combinatie leren en sporten gaat Dennis goed af. En dat is hard nodig ook, want een cricketwedstrijd duurt veel langer dan een gemiddelde sportwedstrijd. Een uitwedstrijd spelen, vergt nog meer van zijn vrije tijd. Vaak is het team van Excelsior ’20 hiervoor een hele dag onderweg. ‘Cricket heeft me echt gevormd’, vervolgt Dennis zijn verhaal. ‘Ik heb geleerd dat je vaker verliest dan wint. Na afloop geef je je tegenstander een hand en drink je samen een biertje. Die teamspirit mis ik bij veel sporten. Het is toch prachtig dat je samen gestreden hebt om te winnen of iets te bereiken.’

 

Motiveren

Als vader van een zoon en 2 dochters is Dennis nog volop besmet met het sportvirus. Vandaag de dag geniet hij vooral van de sportieve prestaties van zijn kinderen. Achterover leunen en alleen toekijken is geen keuze. ‘Toen mijn dochters zich aanmeldden bij de plaatselijke hockeyclub, heb ik mijn trainersdiploma gehaald’, geeft Dennis tekst en uitleg. ‘Om vaardiger te zijn in de coaching en begeleiding, wilde ik deze sport beter leren begrijpen. Zonder hockeyachtergrond zal ik natuurlijk nooit de beste coach worden. Maar dat vind ik ook niet zo belangrijk. Veel belangrijker is het om een team te motiveren, dan komen de prestaties vanzelf. Bovendien is het belangrijk om rekening te houden met de levensfase waarin 15-jarige meisjes verkeren. Hun spanningsboog is korter en ze hebben ook tijd nodig om bij te kletsen.’

 

De coaching van het hockeyteam van zijn dochters gaat Dennis redelijk gemakkelijk af. Bij het voetbalteam van zijn zoon treft hij een andere mentaliteit aan. Als coach heeft hij hier vooral een voorbeeldfunctie. ‘Met de jongens heb ik afgesproken dat iedereen zijn best doet en zijn mondje dicht houdt tegen de scheidsrechter’, licht Dennis toe. ‘Ik ben erachter gekomen dat de teamgeest veel belangrijker is dan mijn rol als coach. Het gaat er niet om wie je bent of wat je doet. Als de klik er niet is, lukt het niet. Mijn zoon zal nooit de nieuwe Messi worden. Sterker nog: hij vindt voetballen helemaal niet zo leuk. Hij geniet er wel van om met andere jongens samen te sporten. Aan mij dus de taak om hem en zijn teamgenoten hierin vertrouwen te geven.’

Aandacht voor iedereen

Bij veel sportclubs komt het vaandelteam op de eerste plaats. Getalenteerde spelers krijgen de meeste aandacht en beschikken over de beste faciliteiten. De rol van een vereniging in de lokale samenleving gaat in de ogen van Dennis veel verder dan de trainingen, wedstrijden en stand op de ranglijst van het eerste team. ‘Het team van mijn zoon is bij elkaar gebleven en speelt nu als vriendenteam bij de senioren’, stelt Dennis trots vast. ‘Van deze teamgeest geniet ik met volle teugen. Minder getalenteerde spelers zijn zeker zo belangrijk voor de continuïteit en de levensvatbaarheid van een sportvereniging. Veel mensen vergeten dat. Willen winnen is mooi, maar geen noodzaak voor deze teams. De derde helft is ook belangrijk én goed voor de clubkas.’

 

Dwarsdoorsnede

Rond de eeuwwisseling verhuist Dennis vanwege zijn werk met zijn gezin naar Brabant. De Zuid-Hollandse directheid maakt plaats voor de Brabantse gemoedelijkheid.  Vanzelfsprekend moet hij wennen aan typische waarden als: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg of eerst de kat uit de boom kijken. Dat verschil ziet hij ook terug als hij op zaterdagochtend langs het sportveld staat. ‘Ouders langs de lijn vormen een dwarsdoorsnede van de Nederlandse bevolking’, stelt hij vast. ‘Misschien in de Randstad nog wel sterker dan hier in het zuiden. Op het oog rustige mensen veranderen zienderogen als ze het team van hun zoon of dochter aanmoedigen. Ik moest daar erg aan wennen. Kinderen hebben daar last van als ouders zich met hun spel bemoeien. Daar zijn de coaches voor. Zelf geef ik die verantwoordelijkheid graag uit handen. Ik heb toch geen invloed op het spel van mijn zoon of dochters.’

Familieman

Dennis heeft altijd veel en hard gewerkt en hij is regelmatig voor zaken in het buitenland geweest. Zijn drukke agenda is geen belemmering om ook veel tijd met zijn vrouw en kinderen door te brengen. ‘Als je kiest voor een gezin, dan moet je er ook voor elkaar zijn’, legt Dennis uit. ‘Als familieman geniet ik ervan als we gezamenlijk iets ondernemen en als sportman in hart en nieren wil ik erbij zijn als mijn dochters hockeyen of mijn zoon voetbalt. Ook hier geldt weer: de teamgeest en het spelplezier zijn belangrijk. Ik ga in de weekenden niet golfen, omdat ik dat zelf leuk vind.’

 

Leerproces

Dennis plukt nog elke dag de vruchten van zijn voorliefde voor de king of sports en de vaardigheden die hij als cricketspeler heeft aangeleerd. Ook profiteert hij als CEO van Xidoor dagelijks van zijn ervaringen als coach van het voetbalteam van zijn zoon en de hockeyteams van zijn dochters. ‘Teamspirit is voor mij de sleutel tot succes’, vat hij tot slot samen. ‘Samen presteer je meer dan alleen. Om teamgeest te kweken op de werkvloer is het belangrijk om als manager medewerkers persoonlijke aandacht te bieden, vertrouwen te schenken en verantwoordelijkheid te geven. Als manager vertolk ik daarbij een motiverende, stimulerende rol. Net als de voetbaltrainer of de hockeycoach. De overeenkomsten zijn dus heel treffend.’     

Vraag hier de Nuance gratis aan