Bij de verkoop van een onderneming worden de fiscale gevolgen bepaald door drie keuzes: wie verkoopt (rechtsvorm), wat wordt verkocht (verkoopobject) en hoe wordt verkocht (transactievorm). Dit bepaalt namelijk of en hoe de opbrengst van de verkoper wordt belast bij een verkoop. Dit geldt voor directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) en aanmerkelijkbelanghouders (>5%), maar ook voor privépersonen wanneer er een VOF of eenmanszaak verkocht wordt.
Rechtsvorm
De rechtsvorm van uw onderneming speelt een cruciale rol bij de fiscale gevolgen van een verkoop. Afhankelijk van de gekozen structuur (zoals een eenmanszaak, VOF of BV) verschillen de belastingheffingen aanzienlijk.
Bij een eenmanszaak moet over de zogenaamde stakingswinst inkomstenbelasting worden betaald. Gelukkig bestaat de mogelijkheid om uw eenmanszaak (voorafgaand aan een verkoop) ‘geruisloos’ in te brengen in een BV. Bij een geruisloze inbreng in een BV hoeft geen directe belasting over de stakingswinst te worden betaald. Let op: bij een latere verkoop binnen de fiscale wachttijd (doorgaans 3 jaar) kan alsnog belastingheffing plaatsvinden. Wanneer u na de verjaringstermijn deze BV verkoopt aan een derde partij, valt de verkoop in principe onder de deelnemingsvrijstelling indien de aandelen worden gehouden door een moeder-BV. De vrijstelling geldt dan voor de gerealiseerde verkoopopbrengst. Dit betekent dat u als DGA geen belasting betaalt over de opbrengst, in tegenstelling tot de directe verkoop (vanuit privépersoon) van een eenmanszaak of VOF. Bij dividenduitkering aan de privépersoon die in bezit is van de aandelen, is de vennootschap verplicht dividendbelasting in te houden (15%). Daarnaast betaalt de aandeelhouder in privé box 2-heffing over het ontvangen dividend. Door uw onderneming tijdig en strategisch in te brengen in een BV, kunt u op lange termijn aanzienlijk fiscaal voordeel behalen bij de verkoop.
Verkoopobject
Naast de keuze voor een rechtsvorm is het ook belangrijk om een beslissing te maken over het verkoopobject. Betreft dit alleen een werkmaatschappij of is ook de moedermaatschappij onderdeel van de transactie? Wanneer een moedermaatschappij aandelen in een dochtermaatschappij verkoopt, wordt directe belastingheffing over die verkoop in veel gevallen voorkomen. Vindt de verkoop plaats door de holding en is de deelnemingsvrijstelling van toepassing, dan blijft de verkoopwinst binnen de holding onbelast; box-2-heffing ontstaat pas bij uitkering van deze winst als dividend aan de aandeelhouder in privé.
In de praktijk komt het vaak voor dat waardevolle bedrijfsmiddelen, zoals machines of vastgoed, ondergebracht zijn in de moedermaatschappij. Wanneer deze onderdeel zijn van de transactie ontstaat de vraag of deze activa voorafgaand aan de transactie moeten worden overgedragen aan de werkmaatschappij, dan wel dienen te worden verkocht.
Transactievorm
Tot slot bepaalt de transactievorm, activa-passiva transactie of een aandelentransactie, de fiscale behandeling. De fiscale gevolgen verschillen per verkoopobject en zijn afhankelijk van de rechtsvorm van de verkopende partij.
Activa-passiva transactie
Bij een activa-passiva transactie verkoopt de onderneming haar afzonderlijke bedrijfsmiddelen en verplichtingen.
Aandelentransactie
Bij een aandelentransactie worden de aandelen in de vennootschap verkocht, waarbij alle activa en passiva in de vennootschap achterblijven.
Voor de koper betekent een aandelentransactie dat de fiscale boekwaarden van activa ongewijzigd blijven, waardoor geen extra afschrijvingspotentieel ontstaat. Daar staat tegenover dat de koper ook bestaande verplichtingen en latente risico’s van de vennootschap overneemt, tenzij hiervoor specifieke garanties en vrijwaringen in de koopovereenkomst zijn opgenomen.
Structureren kost tijd
Indien bij herstructureringen gebruik wordt gemaakt van fiscale faciliteiten mag de herstructurering niet gericht zijn op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. Veelal geldt er een termijn van 3 jaar na herstructureren waarbinnen de aandelen niet vervreemd mogen worden. Echter is hierbij, afhankelijk van de gebruikte faciliteit, tegenbewijs mogelijk. Als sprake is van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting dan geldt een sanctietermijn van 6 jaar als geschoven is met bedrijfsmiddelen.
Bij (af)splitsingen is voor de splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting sinds 1 juli 2025 vereist dat de onderneming wordt voortgezet én dat de verkregen aandelen gedurende ten minste drie jaar worden aangehouden.
Praktijkvoorbeeld:
Jan is eigenaar van alle aandelen in TechNL, die een waarde van € 1.000.000 heeft en € 100.000 aan schulden. Hij verkoopt het bedrijf voor € 900.000 aan InnovCo. De fiscale gevolgen van deze verkoop hangen sterk af van de rechtsvorm waarin de onderneming zich verkeerd en welke bijkomende belastingen moeten worden betaald. Hieronder lichten we mogelijke scenario’s toe: verkoop van een eenmanszaak versus verkoop van een B.V. via aandelenoverdracht.
Scenario 1: TechNL is een eenmanszaak
Bij verkoop van een eenmanszaak kan enkel een overdracht plaatsvinden van activa en passiva. De onderneming verkoopt haar bezittingen voor € 1.000.000. Na aflossing van de schulden (€ 100.000) en aftrek van de fiscale boekwaarde ontstaat er een stakingswinst.
Deze stakingswinst wordt belast in box 1 van de inkomstenbelasting, tegen het progressieve tarief tot maximaal 49,5%. Mogelijk kunnen bepaalde ondernemersfaciliteiten (zoals stakingsaftrek of stakingslijfrenteaftrek) worden toegepast, maar dit is afhankelijk van de persoonlijke situatie van Jan.
Na belasting houdt Jan in dit scenario circa € 600.000 netto over, afhankelijk van de exacte boekwaarde en de toegepaste aftrekposten. Er is in dit geval geen sprake van vennootschapsbelasting of box 2-heffing, omdat er geen B.V.-structuur is.
Scenario 2: BV verkocht via aandelentransactie door Jan privé
Indien TechNLBV een besloten vennootschap is en Jan de aandelen in privébezit, dan verkoopt hij de aandelen aan InnovCo voor € 900.000.
De verkoopopbrengst wordt in dat geval niet in de onderneming belast, maar bij Jan als natuurlijk persoon in box 2. De winst (verkoopprijs minus de verkrijgingsprijs van de aandelen) wordt belast tegen: 24,5% over de eerste ca. € 68.000, en 31% over het meerdere.
Jan houdt in dit scenario ongeveer € 630.000 netto over, uitgaande van een lage verkrijgingsprijs van de aandelen.
Scenario 3: BV met holding verkocht via aandelentransactie door de holding
TechNL is een werk‑BV waarvan Jan de aandelen houdt via zijn persoonlijke holding‑BV. De holding verkoopt de aandelen in TechNL aan InnovCo voor € 900.000. Op het niveau van de holding is in de regel de deelnemingsvrijstelling van toepassing, waardoor geen vennootschapsbelasting verschuldigd is over de verkoopwinst. Bij Jan in privé ontstaat pas box‑2‑heffing op het moment dat de holding de verkoopopbrengst als dividend aan hem uitkeert, waarbij ook dividendbelasting wordt ingehouden. Hierdoor kan de verkoopopbrengst binnen de holding onbelast worden aangehouden of herbelegd, wat een duidelijk timingvoordeel oplevert.
De koper neemt bij een aandelenoverdracht alle activa, passiva én (fiscale) verplichtingen van de B.V. over. Voor de koper zijn er geen fiscale afschrijvingsmogelijkheden op goodwill of activa. Juridisch gezien is de transactie relatief eenvoudig, omdat alleen de aandelen van eigenaar wisselen.
Let op: als Jan de aandelen via een persoonlijke holding verkoopt, dan valt de verkoopwinst mogelijk onder de deelnemingsvrijstelling. In dat geval vindt er geen directe belastingheffing plaats bij verkoop, maar pas bij dividenduitkering aan Jan privé (box 2-heffing en dividendbelasting).
Kortom, er bestaan meerdere fiscale mogelijkheden om een onderneming op een slimme manier te structureren. Het is aan te raden om tijdig na te denken over wat precies verkocht zal worden bij een toekomstige overdracht: gaat het om aandelen, of losse activa? De manier waarop bedrijfsmiddelen zijn ondergebracht, speelt daarbij een grote rol. Door hier op tijd bij stil te staan, kan bij verkoop aanzienlijk de te betalen belastingheffing beperken.
Voor ondernemers betekent dit dat zorgvuldige planning en inzicht in de fiscale regelgeving essentieel zijn om de voordelen van herstructureringen volledig te benutten. Daarbij geldt dat herstructurering altijd maatwerk is en sterk afhankelijk is van de specifieke omstandigheden van de ondernemer en de onderneming. Dit artikel is bedoeld ter algemene informatie maar kan niet worden gezien als individueel advies. Ondernemers doen er verstandig aan tijdig contact op te nemen met een gespecialiseerde deskundige. Ons team van corporate finance werkt samen met het team fiscalisten en begeleiden een bedrijf met het optimaal structureren van bezittingen zodat voor de verkoop een onderneming zo optimaal mogelijk gestructureerd is, zodat fiscale risico’s worden geminimaliseerd en strategische doelen kunnen worden gerealiseerd.

Daan Bekelaar
Senior consultant Corporate Finance
d.bekelaar@crowefoederer.nl
LinkedIn